ER IS HELEMAAL GEEN ‘STIKSTOFCRISIS’

Door Arno Wellens.

Help, we gaan dood door stikstof! Toch? Nee, er is niks aan de hand. De stikstofcrisis is manmade: een plotselinge hype, ontstaan door menselijk handelen, zonder dat er in staat van de natuur iets is veranderd. De ene dag is de ‘stikstofcrisis’ er niet en dan is hij er wel. Het is niet zo dat de hoeveelheid stiktstof in de lucht plotseling zo hard is gestegen dat mensen bij bosjes neervallen, happend naar adem. Integendeel. Wat nutteloze ambtenaren en beroepsklagers hebben de ‘stikstofcrisis’ veroorzaakt, of uitgelokt eigenlijk. Die ‘crisis’ kan morgen over zijn. Daarom, in vijf kogelpunten: waarom gaat er niemand dood door de stikstofcrisis?

Door alle berichtgeving ben ik vreselijk bang geworden voor stikstof. Maar ik weet niet eens wat het is. Wat is stikstof eigenlijk?

Lekker klinkt het niet, stikstof, maar onschadelijk is het wel. Het zit in de lucht die u inadement, dus eigenlijk is het een vreemde term. U zou eerder stikken door een gebrek aan stikstof. De Fransen noemen het dan ook ‘azote’, zij wel. De stikstofcrisis gaat ook helemaal niet over stikstof zelf, om het nog verwarrender te maken. De nutteloze ambtenaren die de stikstofcrisis creëerden waren kennelijk niet goed in scheikunde, maar daar zijn het dan ook nutteloze ambtenaren voor.

Waar het hier om gaat, zijn de stikstofverbindingen (NOx) die vrijkomen bij bouw, verkeer, industrie en landbouw. Deze stoffen slaan neer in de grond en verzuren de grond. Dat kan het milieu beschadigen, de volksgezondheid net zo goed. Een overschot aan NOx zorgt voor ademhalingsproblemen en hartfalen, wat het sterftecijfer meetbaar doet toenemen. Een beetje NOx kan geen kwaad, te veel van de stoffen is wel schadelijk. ‘Te’ is nooit goed, behalve in ‘tequila’.

Aha, we gaan wel degelijk dood door stikstof. Ik ben dus terecht suïcidaal door angst?

Nee, even los van het feit dat het niet om stikstof gaat, maar NOx. Door allerlei innovaties is de uitstoot van NOx sinds de jaren ’90 gehalveerd. Het lijkt erop dat die trend zich zal voortzetten, de vooruitzichten zijn dus goed. Als de uitstoot van NOx al dertig jaar op de politieke agenda staat en deze daalt, dan is het dus heel vreemd om in 2019 ineens een ‘crisis’ te hebben.

Overigens zijn niet alle sectoren van de Nederlandse economie even effectief in het terugdringen van de uitstoot. De landbouw heeft de uitstoot gehalveerd en zit op het gemiddelde van alle sectoren. In de energievoorziening is men erin geslaagd de uitstoot met 82 procent terug te dringen, mede door het filteren van afvalgassen. Huishoudens stoten nu 76 procent minder uit dan in 1990, wat vooral komt door schonere auto’s.

De sector die ervoor zorgt dat de uitstoot toch slechts halveert, ondanks die spectaculaire innovaties, is ‘vervoer en opslag’. Nederland is handelsland, weet u nog, er moeten allemaal containers met plastic rommel uit China naar Duitsland verscheept worden. Vrachtwagens worden wel schoner, net als de auto’s van modale gezinnetjes (brrr) maar door de toename van het handelsvolume neemt de uitstoot van de transportsector niet af. Deze is nu goed voor de helft van alle Nederlandse uitstoot.

Omdat letterlijk alle sectoren van de Nederlandse economie, behalve transport, de uitstoot van NOx zien afnemen, zal dit aandeel alleen maar stijgen. In plaats van een stikstofcrisis zouden we dus van een transportcrisis mogen spreken. Kunnen die Duitsers die rommel niet invliegen, dan mogen wij hier wel gewoon huizen bouwen?

Overigens is de regering voornemens om bouwprojecten af te gelasten, ook al heeft Nederland last van een gierende woningnood. De bouwnijverheid heeft de uitstoot echter al meer dan gehalveerd en bouwvakkers zijn samen goed voor slechts drie procent van de totale uitstoot. Dat idee, het stilleggen van bouwprojecten, is dus totale waanzin. Hoe komt een weldenkend mens bij zoiets?

Waarom is er dan toch sprake van een stikstofcrisis? Is het soms een soort bureaucratische terreur?

Dat klopt. De ‘crisis’ heeft geen oorzaak in de natuurlijke toestand der dingen. De uitstoot neemt juist spectaculair af. Maar er is ook zoiets als ambtenarij en die verpest graag het leven van gewone mensen, bijvoorbeeld door de bouw van schaarse woningen aan banden te leggen zonder een millimeter milieuwinst als resultaat. En omdat niemand het wil, is de EU allerlei bevoegdheden naar zich toe aan het trekken. Dat geeft een extra bestuurslaag, die nog veel meer maatschappelijke schade kan berokkenen.

Het begon met EU-richtlijn 92/43 en dan specifiek artikel 6 lid 4. Deze richtlijn wordt ook Natura 2000 genoemd en is erop gericht om de natuur in de EU te ontlasten, tot hier gaat het goed. De hele richtlijn stelt dat landen hun NOx-uitstoot moeten terugdringen en ja, daar geeft Nederland braaf gevolg aan. Het specifieke artikel 6 stelt dat Nederland bij elke verleende vergunning moet kijken of de lokale natuur geen schade ondervindt. Lid 4 biedt de mogelijk om creatief te boekhouden middels ‘compensatory measures’.

Als de uitstoot op de ene plek te hoog is, dan kan Nederland deze op een andere plek verlagen. Zo ontstaat er de mogelijkheid om de totale uitstoot te verlagen, terwijl bepaalde projecten wel doorgang vinden. In het jargon zeggen de ambtenaren dan dat ze ‘ontwikkelingsruimte’ hebben gecreëerd. Zo kan er gebouwd worden maar houden we wel rekening met het milieu, best mooi eigenlijk. De regering noemt dit het ‘Programma Aanpak Stikstof’ (PAS) en gebruikt het als basis voor het verlenen van bouwvergunningen voor de periode van 2015 tot 2021.

Tot hier deed mijn overheid niks verkeerd. Waar gaat het dan fout en op wie moet ik boos worden?

In mei van dit jaar kwam de Raad van State, het hoogste Nederlandse rechtscollege, met de conclusie dat het PAS en alle bouwvergunningen die via het PAS waren verstrekt, onwettig zijn. Dat is waarom men nu wel eens stelt dat ‘Nederland op slot zit’ en sindsdien is er sprake van acute crisis: niet omdat er ineens meer of minder stikstof (of NOx) wordt uitgestoten. De Raad van State volgde met die uitspraak een eerdere uitspraak van het hof van Justitie van de Europese unie in Luxemburg (HJEU). Die kwam in 2018 tot de conclusie dat de vergunning, gegeven aan onder meer een kippenbedrijf in Brabant om een extra stal te bouwen, niet gegeven had mogen worden. Die vergunning was eerder afgegeven door de Provincie Noord-Brabant.

Waarom houdt het HJEU zich bezig met een kippenboer in De Peel? Dat hebben we te danken aan twee mannen. De eerste is Wim van Opbergen, die al veertig jaar beroepsactivist is. Hij maakt zich zorgen om de kwaliteit van de natuur in zijn directe omgeving en hij beschouwt NOx als een grote boosdoener. In het gebied waar hij wandelt zou hij graag meer bloemen zien en minder gras. Gras houdt wel van NOx, de veldbloemen waar Van Opbergen van houdt weer niet. Daarom wil hij dat er minder NOx wordt uitgestoten en sinds 1990 mogen we wel zeggen dat hij op zijn wenken is bediend. Toch gaat hij door, hij heeft in zijn leven drieduizend bezwaarschriften bij de Raad van State ingediend. Daarbij ging het steeds om economische bedrijvigheid in zijn omgeving.

Zijn compaan is Johan Vollebroek van ‘Coöperatie Mobilisation for The Environment U.A.’ Dat is een activistisch clubje dat elk jaar zo’n vijftig bezwaarschriften tegen boerenbedrijven inlevert bij de Raad van State. Om de stikstofuitstoot in Van Opbergen zijn wandelgebied verder te reduceren, besluiten ze om samen een reeks al uitgegeven vergunningen aan te vechten. Ze starten een procedure bij het HJEU die ze ook nog eens winnen. In de uitspraak noemt het HJEU dat de methodiek van het PAS met betrekking tot de ‘ontwikkelingsruimte’ niet in overeenstemming met de Europese wet is, specifiek de richtlijn Natura 2000. Als boer X een vergunning krijgt omdat de overheid natuurgebied Y belooft te gaan saneren, dan is het tweede geen afdoende ‘compensatie’ voor het eerste. Eerst moet gebied Y zijn gesaneerd, dan pas mag de vergunning worden verstrekt.

Hoewel het hier gaat om een uitspraak tegen een vergunning verleend aan lokale bedrijven (zoals de deze kippenboer uit Someren) meent de Raad van State dat het hele PAS daarmee onderuit gehaald moet worden. Dat is natuurlijk niet proportioneel. Het ging om een actie van twee pestkopjes tegen een paar specifieke boeren, dan heeft het geen zin om broodnodige woningbouw elders in het land stil te leggen.

Het is me duidelijk. Er is geen stikstofcrisis. Wat moeten we nu doen?

Ten eerste moet Nederland de uitspraak van het HJEU naast zich neerleggen. Het zal menig jurist woedend maken: ‘die Wellens weet er niks van’ etc., ik zie hun befjes al wapperen. Maar in tijden van chronische woningnood en recentelijk nog een verdubbeling van het aantal daklozen is het stilleggen van achttienduizend bouwprojecten geen redelijke optie. Het ging het duo ook om het pesten van een paar specifieke boeren. Daarbij kozen ze voor een gang naar het HJEU, dat zich vervolgens wel moest uitspreken over het PAS. Dat was dus bijvangst en dat maakt dat de uitspraak een disproportioneel grote impact op de Nederlandse samenleving heeft. Ook zou Nederland niet het eerste land zijn dat Europese regels aan de laars lapt, de Grieken doen al decennia niet anders. Daarom, gewoon lekker doorbouwen en intussen uitzoeken hoe het zit met dat PAS. De bijdrage van de bouw aan de totale uitstoot van NOx was al minimaal.

Bent u een beetje boos op het duo en wilt u ze terugpakken? Dat kan. Vollenbroek pleegt namelijk herhaaldelijk economische delicten, door de jaarcijfers van zijn bv te laat in te leveren. Daar zou hij een flinke boete voor kunnen krijgen. Wie doet er even aangifte?

Het is natuurlijk flauw om zo te gaan zitten muggeziften, maar bij iemand die er zo de broek van vol heeft om op elke juridische slak zout te leggen is het weer wel terecht.

Al met al is er geen stikstofcrisis, Nederland is al hartstikke goed bezig. We hebben een bureaucratiecrisis. Ik hou borrels (QR-vrij) met mijn volgers op BackMe over wat er nu allemaal speel. Informatief en gezellig maar bovenal zorg ik ervoor dat we elkaar blijven zien, anders zit iedereen in zijn digitale contactloze bubbel wordt land naast stiktstof- ook contactarmer.

Aanmelden doet u op hier.

ARNO WELLENS

Is journalist, schrijver en spreker. De bekendste onderwerpen zijn de eurocrisis, belastingontwijking (de Kamerplant Tour) en beleggingsfraude. Arno Wellens inhuren? Stuur een mail voor een opgaaf van de tarieven.

CONTACT

Groene leugens

Door Henriëtte van Hedel.

“Ik heb er genoeg van om te horen ‘het kan niet’. We hoeven Nederland niet zo te besturen, omdat het moet van ‘Europa’, van ‘de rechter’, of ‘de wetenschap’. Slecht beleid veranderen kan wél.”

https://twitter.com/HvHedel/status/1631245905436213248…

“Midden in verkiezingstijd meldt een @groenlinks gedeputeerde dat volgens ‘nieuwe analyses’ de natuur ernstig verslechtert en dat haar beleid noodzakelijk is. Niet alleen de timing is opvallend. De inhoud van de analyses is dat ook.

https://www.brabant.nl/actueel/nieuws/natuur-en-landschap/2023/analyses-bevestigen-slechte-staat-natuur-brabant

Eerst het #persbericht. De provincie meldt een ‘slechte staat van de natuur’ in heel #Brabant en trekt daarom de conclusie dat het tot nu toe gevoerde beleid werkt (?) maar moet worden geïntensiveerd. Gevolg: geen vergunningen meer in Brabant.

De pers doet daar nog een schepje boven op. ‘De conclusie van de analyses is dat de natuur in de afgelopen acht jaar verder achteruit is gegaan’. Brabant moet grotendeels ‘op slot’ om de ‘natuur te redden’.

Nu de analyses zelf. Die zijn opgesteld door @Arcadis_NL, een ingenieursbureau. Ik heb de moeite genomen er één door te nemen (288 pagina’s!), dat van de #Kampina / #Oisterwijkse#Vennen. Ik woon er dichtbij en kom er graag. brabant.nl/-/media/29264b

https://www.ad.nl/eindhoven/brabant-grotendeels-op-slot-om-natuur-te-redden-rem-op-nieuwe-huizen-wegen-en-windmolens~a807e66d/

Het tweede dat opvalt is dat er niet zozeer wordt gekeken naar de staat van de natuur, maar of de ‘doelstellingen’ worden gehaald. Dat is heel wat anders. Die doelstellingen, door NL zelf vastgesteld, vinden dat de habitats beter en vooral groter moeten worden.

Zo werd er in 2013 bij de aanwijzing als #Natura2000-gebied nog maar 57,33 hectare vochtige heide waargenomen, in 2020 was dat inmiddels 238,24 hectare. Goed nieuws, zou je denken, maar die toename is kennelijk niet groot genoeg.

Volgens de kaarten groeien alle beschermde natuurtypen. Maar of dat zo is, weten we eigenlijk niet. De kaart van 2013 gebruikt andere criteria dan die van 2020. Het rapport doet geen poging om tot één definitie te komen, maar houdt het bij ’onbekend’.

Naast de oppervlakte van de beschermde natuurtypen is natuurlijk ook de kwaliteit van belang. Hoe gaat het daarmee? Eigenlijk zegt het rapport: we hebben geen flauw benul. We hebben nauwelijks gekeken in 2013 (T0), en we hebben ook nu nauwelijks een idee.

Of de natuur voor- of achteruitgaat weten we dus niet. Omdat we er niet naar kijken. We kijken alleen naar ons #stikstofmodel, dat geen informatie geeft over de staat van de natuur. De trends zijn onbekend. Dat is de echte conclusie van deze analyse.

Dat wordt in de analyse echter heel anders gepresenteerd. Het overzicht of voor de verschillende natuurtypen de doelstellingen zijn gehaald, kleurt dieprood. Met alles gaat het slecht, zo lijkt het wel, en de provincie moet op slot.

Maar de legenda van deze tabel vertelt iets anders. Gewoon rood (‘Nee, tenzij – a’) betekent niet dat het slecht gaat met de natuur, of de doelen niet hebben bereikt, maar dat we dat niet weten, omdat we daar onvoldoende onderzoek naar doen.

Er blijkt uit niets dat we dat onderzoek nu wel gaan doen. En dat is belangrijk, want al die vakken blijven dan rood, ongeacht hoeveel #boeren we #uitkopen, hoeveel #miljarden we er tegenaan gooien en hoeveel #vergunningen we ook intrekken.

Voor de drie natuurtypen waar de doelen niet gehaald worden (dat wil, zoals gezegd zeker niet zeggen dat de natuur verslechterd is) speelt alleen bij de zwakgebufferde vennen #stikstof een rol, maar het waterbeheer lijkt relevanter.

Op basis van deze analyse stelt de Gedeputeerde @_Hagar dat de kwaliteit van de natuur slecht of slechter is en ‘moet worden gered’ met #stikstofmaatregelen. Met de beste wil van de wereld kan ik dat niet in dit rapport terugvinden.

Op basis van deze analyse stopt Gedeputeerde Staten, inclusief ‘middenpartijen’ @cdavandaag, @VVD en @D66 met vergunningverlening in straal van 25 km rond dit natuurgebied. Dat is bijna de helft (!) van de provincie, inclusief steden als #Tilburg, #DenBosch en #Eindhoven.

Maar een stop op de vergunningverlening – ten koste van woningen, innovatie en verkeersveiligheid – helpt niets, want de vakken blijven rood omdat we geen informatie verzamelen over de natuur, niet omdat de natuur verslechtert.

Voor wie dus nog wil weten waarom we een partij hebben opgericht en meedoen aan de verkiezingen: omdat we erg ongelukkig worden van het feit dat ons land op deze manier bestuurd wordt. @ED_Regio @LvdSt @brabantsdagblad @omroepbrabant @BNDeStem #verkiezingen15maart

Meten is weten…

Meten is weten…

Door Guus Berkhout. Emeritus hoogleraar Geofysica

Guus Berkhout

“Politieke rekenmodellen brengen ons land in een economische crisis. Stop er mee en ga meten.

De uitkomsten van rekenmodellen worden volledig bepaald door wat de modellenmakers erin stoppen. Je kunt een model zo inrichten, dat eruit komt wat je graag wilt zien. In overheidsinstituten zijn wetenschappers bereid modellen zo in te richten, dat de uitkomst het beoogde overheidsbeleid bevestigt. Vervolgens wordt glashard beweerd dat die uitkomst wetenschappelijk verantwoord is. Echte wetenschappers weten dat métingen foute rekenmodellen kunnen ontmaskeren. Daarom hebben politici een grote hekel aan metingen.

Luchthavens.

Modellen maken en verifiëren is mijn vak. Zo bestudeer ik met een wetenschappelijk team rekenmodellen die voorspellingen bieden over de hoeveelheid lawaai rond de luchthaven Schiphol. Al in 2000 hebben we het kabinet-Kok II geadviseerd in verband met het politieke gesjoemel rond het rekenmodel in de toenmalige nieuwe luchtvaartwet. Dat rekenmodel was louter gemaakt op basis van welgevallige veronderstellingen en niet geverifieerd met meetresultaten. Spoedig bleek dat informele metingen (door burgers georganiseerd) telkens fors hogere geluidsniveaus aangaven.

Wij adviseerden het kabinet toen om snel een geavanceerd meetnetwerk rond Schiphol aan te leggen. Dat werd ook beloofd, maar kwam er nooit. We weten dus eigenlijk nog steeds niet hoeveel lawaai er nu precies rond Schiphol wordt gemaakt. In ieder geval veel meer dan de rekenmodellen van de overheid aangeven.

stock-schiphol-560x374

Nu ben ik opnieuw gevraagd te adviseren over zo’n meetnetwerk voor een beter milieubeleid. Maar de enige oplossing voor 2020 is natuurlijk óf minder vluchten óf Schiphol in zee. (1) Meer vliegen met minder lawaai, wat de minister wil, wordt alleen bereikt door modellenmakers van de minister.

 

Klimaat

Met een internationaal team kijken we al jaren ook kritisch naar de (on)betrouwbaarheid van rekenmodellen met betrekking tot klimaatverandering. Die rekenmodellen vertellen ons dat we met onze CO2-uitstoot op weg zijn naar een klimaatramp. Hier zien we een treurige parallel. De berekende geluidsniveaus rond Schiphol zijn altijd veel lager dan de gemeten waarden (dat is gunstig voor het gekozen luchtvaartbeleid) en de berekende temperatuurniveaus in de atmosfeer zijn altijd veel hoger dan de gemeten waarden (dat is gunstig voor het gekozen klimaatbeleid).

Een voorbeeld. Rekenmodellen inzake het klimaatbeleid adviseren ons om op grote schaal biomassacentrales in te zetten. Dat kost de Nederlandse belastingbetaler ruim 11 miljard euro. Het verbranden van biomassa veroorzaakt echter grootschalige houtkap in Noord-Amerika en Oost-Europa en een gigantische luchtvervuiling in Nederland.

Stikstof.

Hetzelfde zien we nu gebeuren rond het stikstofprobleem. Net als bij vliegtuiglawaai en klimaatverandering zijn ook hier meetsystemen armetierig. Zolang de politiek haar eigen ‘apocalyptische’ stikstofmodellen bedenkt, weten we niet hoe de werkelijkheid eruitziet en welk effect stikstofmaatregelen zullen hebben. We weten ondertussen wél dat stikstof de grond vruchtbaar maakt en stikstofmaatregelen de hele economie in de war sturen. Zie (2).

Maar wat is nu eigenlijk het probleem? Is het medicijn (stoppen met efficiënt produceren) niet veel erger dan de kwaal (minder arme grond in ons land)?

Die politieke rekenmodellen leggen wel de samenleving plat. Burgers begrijpen het niet meer. Ondernemers worden er dol van. Waarom laten we dat gebeuren?

Het ‘andere klimaatgeluid’ krijgt eigen onderzoeksinstituut
Nederland krijgt er een opvallend onderzoeksinstituut bij. In Den Haag legt een groep gepensioneerde wetenschappers rond de Delftse emeritus hoogleraar Guus Berkhout momenteel de laatste hand aan een stichting voor klimaatonderzoek ‘op een heel andere basis dan dat van het VN-klimaatpanel het IPCC’.

https://www.volkskrant.nl/wetenschap/het-andere-klimaatgeluid-krijgt-eigen-onderzoeksinstituut~b4de9219/?fbclid=IwAR1tNXbilHHizxijd9_d1Z477Zt6A3s8UaVKIz1LuOQX9Gj7KWoRktWd5WI&referer=https%3A%2F%2Fwww.facebook.com%2F

 

(1).  Schiphol in zee.

https://www.cobouw.nl/infra/nieuws/2019/02/schiphol-in-zee-kost-tussen-33-en-46-miljard-maar-kan-wel-101269654?_ga=2.227669213.1533253221.1584086955-1231327217.1584086955

 

 

(2).   https://www.interessantetijden.nl/2019/09/12/stikstof-hartstikke-goed-voor-de-natuur/

Help, het Bargerveen verdroogd!

Nieuwe ontwikkelingen voor het Bargerveen.  Bij de eerste berichten over een bufferzone ten zuiden van het Bargerveen ging het nog om een  natte overgangszone, met een beperkte  agrarische functie cq beheersovereenkomst voor de eigenaren. Na twee jaar was de bufferzone al bij het Bargerveen ingelijfd als zijnde een noodzakelijke  natte uitbreiding van het Bargerveen. Eind 2017 was een verhoogde waterstand van de bufferzone ook niet meer voldoende en wordt het hele gebied van de bufferzone gewoon onder water gezet.

BargerveenInleiding.

Het Bargerveen is een uniek en prachtig hoogveenreservaat in Zuid-Oost Drenthe.
Het Bargerveen, dat midden in ’t Veenland ligt, is één van de twee gebieden in Nederland waar nog levend hoogveen is. Slechts een restant en niet meer in perfecte staat. Van de oorspronkelijke mosrijke begroeiing was tot voor kort geen sprake meer. De vegetatie bestond grotendeels uit vochtige en droge hei en berkenbos. Vanaf 1968 groeide het besef dat zonder ingrijpen een kostbaar stuk natuur verloren dreigde te gaan en daarmee allerlei unieke planten- en diersoorten. Een deel van het veengebied Bargerveen werd opgekocht door de overheid en overgedragen aan Staatsbosbeheer.
Dat het Bargerveen een uniek en een prachtig stukje natuur is, daar zijn vriend en vijand het wel over eens.

Probleemstelling.

Probleem is volgens de deskundigen, ergens diep in de ondergrond zit een lek en sijpelt het water langzaam uit het Bargerveen, dus het Bargerveen droogt uit, aldus de deskundigen, daarbij ondersteund door dure rapporten waarvan de betrouwbaarheid van uitkomst moeilijk te controleren valt. Om deze vermeende “verdroging” tegen te gaan hebben de natuurbeheerders het onzalige plan opgevat om een “natte” bufferzone ten zuiden van het reservaat aan te leggen, een nogal ingrijpende kostbare zaak die 250 ha goede landbouwgrond opslokt.

Bescherming uniek hoogveengebied.

Maatregelen in en rond het Bargerveen moeten voorkomen dat het hoogveen dat in honderden jaren is ontstaan door verdroging verloren gaat. Daarvoor is een grote bufferzone van 250 ha nodig aan de zuidkant van het Bargerveen.

http://www.provincie.drenthe.nl/actueel/nieuwsberichten/@105057/forse-opdracht/

Veronderstellingen aangaande de verdroging van het Bargerveen en de mogelijke gevolgen.
Het begint met de veronderstelling: Als!! “Als het Bargerveen verdroogt”, en dan volgen er een aantal aaneenschakelingen van mogelijke gevolgen die een rampscenario voor het Bargerveen moeten voorstellen.
Hier een uitspraak van Rein Munniksma: “Als dat het Bargerveen eenmaal droog komt te staan en het veen inklinkt, is het reddeloos verloren”.

“Eén droge zomer en de herstelwerkzaamheden zijn weer terug bij af”, dat is wat ecologisch adviseur Dolf Logeman zelfs durft te beweren in zijn blog.
http://www.dolfsnatuurblog.nl/het-bargerveen-waarom-ook-alweer/

Analyse.

Pardon? Het Bargerveen weer uitdrogen? Is het echt waar, wat Logeman en de gedeputeerde hier met droge ogen beweren? En het antwoord op deze vraag is zeer belangrijk, het zijn immers deze argumenten die de aanleg van een bufferzone rechtvaardigen! Dat rampscenario, als gevolg van uitdrogen, is daar enig bewijs voor? Hoe groot is de kans dat het Bargerveen weer zo droog komt te staan als pakweg 20 jaar geleden? Hoe groot is de kans op een calamiteit van tientallen droge jaren? Hoe erg en rampzalig is dat dan?

Foto’s: Machinaal turfgraven Bargerveen.

Volgens mij hebben we vergelijkingsmateriaal uit het verleden. Het Bargerveen heeft namelijk meer dan een halve eeuw droog gestaan ten behoeve van de turfwinning, daarvoor werden diepe sloten gegraven voor de totale afwatering tot op het zand. In de zomer joegen dikke stofwolken over het turfwinningsgebied. Is daar iets van bekend van blijvende schade aan het veenpakket? Naar de uitspraken en maatstaven van Munniksma en Logeman zou het Bargerveen nu dus, na de droge zomer van 2018 als reddeloos verloren moeten worden beschouwd. Volgens andere deskundigen gaat het echter helemaal niet slecht met de flora en fauna, het veen en de veenvorming in het nieuwe natuurgebied.

Foto: De uitzonderlijk droge omstandigheden in het Bargerveen tijdens de turfwinning.

Amper 20 jaar nadat de laatste turf werd afgegraven spreken diverse enthousiaste commentaren heel andere taal .
Citaat. ”Na Verschillende maatregelen, zoals het omhoog brengen van het waterpeil door een dammenstelsel, hadden tot doel het veen nieuw leven in te blazen. En met succes!
In de ondiepe, natuurlijke bassins die door de indamming ontstonden, vond explosieve groei van veenmos plaats. Natuurbeheerders waren razend enthousiast.” Bron:
http://www.stobbe.nl/actiepagina/bargerveen

Hier een fragment uit het document:
Document PAS-analyse aangepast Herstelstrategieën voor Bargerveen.

Deze analyse is opgesteld door Erwin Adema, Willem Molenaar, Sies Krap en Arjan Stroo.
De herziening, dat wil zeggen de aanvulling en het up-to-date maken, is gedaan door Arnout-Jan
Rossenaar met medewerking van Sies Krap, Erwin Adema en Jobien Veninga (december 2012).
Dolf Logemann heeft deze versie aangevuld met vogels en de maatregelen uit het beheerplan
(versie mei 2013).

“Het OBN-Deskundigenteam stelde tijdens een veldbezoek in februari 2013 vast dat er een flinke groei zit in het areaal actief hoogveen in het Bargerveen en dat ook elders de omstandigheden voor actief hoogveen snel gunstiger worden (Jansen, A.J.M, c.s. 2013). Uit dit verslag komt ook de volgende beschrijving:
Ten opzichte van de eerste veenmoskartering in 1987 is er in de hoogveenkern van het Meerstalblok nauwelijks nog open water met Waterveenmos. De compartimenten tussen de dijkjes zijn anno 2013 dichtgegroeid met dikke kraggen met uitgestrekte vlakten (lawns) van fraai veenmos ontstaan met veenpluis en witte snavelbies als aspectbepalende soorten en hier en daar vijfrijig veenmos en de eerste bultvormende veenmossen (wrattig veenmos, soms hoogveenveenmos).
In de oudste bassins uit 1970 blijft de ontwikkeling van actief hoogveen nog achter. Een mogelijke oorzaak is de moeizame verbreiding van de bultvormende soorten. Waar wrattig veenmos en hoogveen-veenmos zijn geïntroduceerd, blijken deze soorten zich wel uit te breiden.
Het lijkt er op dat de omstandigheden in de oudste bassins wel geschikt zijn voor de groei van de bultvormende veenmossen, maar dat ze deze nog niet goed hebben kunnen bereiken. In de natte heide ten westen van de grote meerstal zijn sinds 1986 twee grote vlakken met actief hoogveen ontstaan uit een veenmosrijke natte heide. In vergelijking met 1986 zijn deze vlakken ook veel natter geworden”.

U ziet, de diverse analysen spreken zichzelf tegen.

Bron: http://www.geologievannederland.nl/fossielen/planten/veenmos.

De grote vraag die dit oproept is natuurlijk, hoe belangrijk is die stabiele waterspiegel nou eigenlijk? Daarvoor moeten we even kijken hoe ( levend) hoogveen zich vormt en de eigenschappen van het veenmos dat daarvoor verantwoordelijk is.

“Laagvenen worden gevoed door zowel het grondwater als het regenwater. Hoogvenen zijn sterk vernatte ecosystemen die uitsluitend gevoed worden door regenwater””

Bron: http://www.kennislink.nl/publicaties/microbiele-diversiteit-in-hoogvenen

Eigenschappen veenmos.

Samenvatting van de eigenschappen van het veenmos, (Sphagnum cuspidatum) waarvan er ca 200 soorten bestaan en er in het Bargerveen inmiddels weer 15 soorten zijn waargenomen.

*Het veenmos voedt zich uitsluitend met regenwater.
*Veenmos is een kleine, primitieve sporenplant die to 25 keer haar eigen gewicht aan (regen)water kan vasthouden.
*Door speciale water opnemende cellen werkt veenmos als een soort spons die het water meters boven het grondwaterpeil van de omgeving kan uittillen en regenwater kan vasthouden.
*Door deze eigenschap is veenmos niet strikt gebonden aan natte leefgebieden, maar kan het ook in drogere omstandigheden groeien: door water op te slaan creëert veenmos immers zijn eigen natte milieu.
*Veenmos groeit aan de bovenkant aan, terwijl het aan de onderkant afsterft. Zo ontstaat er een dikke laag dood plantmateriaal dat veen wordt genoemd.
*Het kan enige beschaduwing verdragen, en verkleurt dan meestal naar groen.
* Ook kan de plant tegen een korte, tijdelijke verdroging!
*Op het moment dat zich een nieuwe acrotelm (de laag van levende veenmossen vormt samen met de direct daaronder gelegen laag van recent afgestorven veen de zogenoemde acrotelm), heeft kunnen ontwikkelen, zal het systeem zelf schommelingen in de waterstand kunnen reguleren en is daarmee veel minder kwetsbaar voor waterstandfluctuaties.
* Ook al sterft de plant af, door de aseptische conserverende werking worden de zaden (sporen) goed bewaard en komen bij gunstige omstandigheden weer tot ontkieming.

Bron:

Klik om toegang te krijgen tot Tomassen-DLN-2014.pdf

Veenvorming in Zuid Oost Drenthe.

“Pas na 3100 v.Chr. kreeg de eigenlijke hoogveenvorming de overhand en ging zich geleidelijk ook over de hoge delen in de Hunze laagte verspreiden. Het moeras en bosvenen werden bedekt met een dikke laag veenmossen, die in staat zijn om het regenwater vast te houden. Op die wijze vormde het veen een eigen waterspiegel en kon zich onafhankelijk van het grondwater verder ontwikkelen.”

Bargerveen

Bron. Het ontstaan van veen: https://www.emmer-compascuum.com/ontstaan-van-veen

Even een klein uitstapje: Misschien heeft u het wel een gezien, die volledig met mos begroeide rieten daken of zelfs op dakpannen, waar door de loop der jaren het stof en de vogelmest in de spleetjes zich ophoopte en kleine mospolletjes zich ontwikkelden. Ik heb ze ook op het dak, in de beschutting van bomen wat meer dan in de volle zon. Langzaamaan worden ze zo groot als een kleine voetbal, het gaat niet snel, maar het groeit. Er heerst daar voor de ontwikkeling van mos geen zogenaamde gunstige habitat daar op dat dak, de meeste dagen van het jaar is het daar kurkdroog.

(Veen)mos groeit dus ook onder uitzonderlijke droge omstandigheden.

En daar, beste dames en heren, daar hebben we het bewijs, het tegendeel van wat o.a. Munniksma en Logeman beweren.

Maar wat is nu het verwachtte effect van de bufferzone op de grondwaterstand, want dat was toch wel het belangrijkste argument voor de bufferzone.

In het rapport Advies over de bufferzone kom ik o.a. het volgende tegen.

Advies over bufferzone Bargerveen.
Deskundigenteam Nat zandlandschap en het voormalige deskundigenteam Hoogvenen
Drs. G.A. van Duinen, Dr. A.J.M. Jansen (redactie), Prof. dr. J.G.M. Roelofs, Dr. S. van
der Schaaf , Dr. J. Schouwenaars.

Citaat: “De gemiddelde wegzijging in de genoemde 700 meter-zone (ad zuidgrens binnen het reservaat) is berekend op ongeveer 0.37 mm. per dag”. Omgerekend dus 135 mm op jaarbasis.

Berekende effect van een bufferzone van 500 meter: “De wegzijging in de 700 meter zone wordt dan berekend op ongeveer 0.31 mm per dag”. Ofwel 115 mm op jaarbasis.  Een verschil van  20 mm op jaarbasis. (Let wel, dit zijn berekeningen, geen garanties). Dus in een land waar redelijk verdeeld over het jaar ruim 800 mm regen valt, gaat een (verwachtte) reductie van 20 mm het veenmos en het Bargerveen redden?

Dat kan toch niet waar zijn? Geen enkel weldenkend mens zal op basis van een gedegen kosten/baten analyse tot dit besluit zijn gekomen. Maar in de politiek en met name als het gaat om natuur gelden er andere maatstaven. Bovendien, zo blijkt, spelen er persoonlijke ambities van sommige politici mee. Zoals blijkt uit een reactie in de rechtszaal van Rein Munniksma tegen een aldaar protesterende en procederend agrariër;

” Hoe je ook protesteert en tegenstribbelt, die bufferzone, die ga ik doen!”

Conclusie.

Nee, die bufferzone gaat het Bargerveen niet redden van die quasi vermeende verdroging, het enige dat de bufferzone gaat redden is het ego van de Groene Kmher

Het offer voor het Bargerveen, (de kosten, 20 miljoen voor nieuwe bufferzone`s) zijn naar mijn mening buitenproportioneel, het ontbreekt de beheerders naar mijns inziens alle realiteitszin, zijn de rede en ratio volledig uit het oog verloren. In hun euforie over natuurbeheer is men kennelijk vergeten dat bv de Zuidpool en de Sahara met hun barre omstandigheden ook natuur is. Alleen, dat is niet de natuur die onze natuuraanbidders graag zien. Hun visie op natuur is dus behoorlijk selectief. Zij zetten in op biodiversiteit en willen een kunstmatige situatie herscheppen die alle voorgaande generaties hebben bestreden.

“De medische biologie toont bijvoorbeeld, hoe de wereld voor mensen veiliger werd met minder biodiversiteit. De entomoloog (insectkundige) Bart Knols –onder andere werkzaam voor het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam – beschreef in zijn boek ‘Mug’ hoe ons land afgelopen eeuw malariavrij werd. Dit lukte dankzij een gerichte overheidscampagne tegen met malariaparasieten besmette Anopheles-muskieten. Bestrijdingsmiddel DDT en ontginning van moerasgebied, waren de belangrijkste succesfactoren.””

“Jaarlijks overlijden zo’n 725.000 mensen aan muggensteken. Niet aan de jeukende bultjes die de Nederlandse muggen opleveren, maar aan de gemene virussen die muggen – vooral in de tropen – overbrengen. Denk aan malaria (600.000 doden per jaar), maar ook knokkelkoorts, gele koorts en een hersenontsteking die in Japan ‘de pest van het Oosten’ genoemd wordt, worden door muggen verspreid”. Bron: Trouw.

Je kunt niet meer streven naar omstandigheden van vroeger, de natuur zelf verandert. Maar dat schijnt onze verheven natuurbeheerders niet te deren. Zij hebben allang uitgestippeld wat er in hun privé paradijsje allemaal weer moet gaan groeien. Willen de natuurbeheerders misschien ook de prehistorische planten en reptielen, de wolharige neushoorn de mammoet of zelfs de Neanderthaler weer terug?

De geplande bufferzone, het nieuwe speeltje en prestigeobject van enkel politici, waaronder de heer Munniksma en mevrouw Tanja Klip, is letterlijk een hoofdpijndossier, ja een heuse nachtmerrie voor sommigen en komt meer en meer over op mij als een slechte boosaardige grap.
Het gaat dus helemaal niet slecht met het Bargerveen, maar volgens andere deskundigen gaat het niet goed genoeg. Ja natuurlijk, het kan altijd beter, hoe goed willen de natuurbeheerders het hebben dan? Is er door “rupsjenooitgenoeg” misschien ook een bovengrens aangegeven?
Niet om het een of ander, dat was me ook wel al duidelijk, de teerling is allang geworpen, inspraak is er slechts voor de vorm, om de omwonenden nog de indruk te geven dat ze mee mogen praten. Die inspraak, dat was natuurlijk een lachertje. De vraag is alleen, wat is het effect van al dat geld dat er tegenaan gegooid wordt? Als je de diverse internetpagina,s leest gaat het helemaal niet slecht met de ontwikkeling van het veen , flora en fauna. Maar waarom komt dat gegeven, het opmerkelijke herstellend vermogen van de natuur in het Bargerveen, dat elke leek en natuurliefhebber met eigen ogen kan aanschouwen. Waarom komt dat in al die dure rapporten, die bol staan van wollig taalgebruik en ongrijpbare kreten zo weinig uit de verf?

Wij begrijpen dat de keuzes die hebben geleid tot het besluit voor de bufferzone voor de meeste mensen, ogenschijnlijk een democratisch gestuurd proces was, dat past binnen de bestaande kaders. De procedures zijn in een vergevorderd stadium. Ook al waren de te volgen procedures correct, de besluiten kwamen heel wat minder democratische tot stand. Bij de te vormen commissies verzamelden zich belangstellenden, voornamelijk natuurminnende personen die elke maatregel ter bescherming van het Bargerveen toejuichen, ook al zijn de aangevoerde argumenten en feiten bijzonder twijfelachtig en soms zelfs misleidend. Een oud-waterschapsbestuurder die vanaf het eerste uur de opkomst van het idee voor een eventuele bufferzone meemaakte verklaarde, ” Het democratische gehalte van de besluitvorming rond de bufferzone is 0,0”. Kritische mensen, uitgesproken tegenstanders van de bufferzone werden systematisch geweerd uit de diverse commissies en zelfs openlijk gedemotiveerd. Uitsluitend mensen die “meedenken” waren welkom. ( zie verslag 4 maart, Open brief aan mevr. Houwing en Bargerveencommissie). Als de besluitvorming het gevolg is geweest van intensief lobby-werk en er bovendien aantoonbaar persoonlijk prestige in het spel is bij sommige politici, blijft het behaalde resultaat een lelijk ding en is het politiek gezien een aanfluiting voor de democratie. Qua werkwijze horen dit soort praktijken niet thuis in een rechtsstaat.

Het geeft me een erg onbehaaglijk gevoel over hoe het er in Nederland met de belangen van natuur-omwonenden om wordt gegaan.

Ik wil daarmee maar zeggen, elke leugen is te verkopen, als je het maar vaak genoeg herhaalt en een goed geoliede propagandamachine achter je hebt staan.

Wie stopt deze waanzin??

Meer info over hoogveenvorming in Nederland.

Klik om toegang te krijgen tot 2009-1_017-026.pdf

Help, het Bargerveen verdroogd!!

Inleiding.

Bargerveen

Het Bargerveen is een uniek en prachtig hoogveenreservaat in Zuid-Oost Drenthe.
Het Bargerveen, dat midden in ’t Veenland ligt, is één van de twee gebieden in Nederland waar nog levend hoogveen is. Slechts een restant en niet meer in perfecte staat. Van de oorspronkelijke mosrijke begroeiing was tot voor kort geen sprake meer. De vegetatie bestond grotendeels uit vochtige en droge hei en berkenbos. Vanaf 1968 groeide het besef dat zonder ingrijpen een kostbaar stuk natuur verloren dreigde te gaan en daarmee allerlei unieke planten- en diersoorten. Een deel van het veengebied Bargerveen werd opgekocht door de overheid en overgedragen aan Staatsbosbeheer.
Dat het Bargerveen een uniek en een prachtig stukje natuur is, daar zijn vriend en vijand het wel over eens.

Probleemstelling.

Probleem is volgens de deskundigen, ergens diep in de ondergrond zit een lek en sijpelt het water langzaam uit het Bargerveen, dus het Bargerveen droogt uit, aldus de deskundigen, daarbij ondersteund door dure rapporten waarvan de betrouwbaarheid van uitkomst moeilijk te controleren valt. Om deze vermeende “verdroging” tegen te gaan hebben de natuurbeheerders het onzalige plan opgevat om een “natte” bufferzone ten zuiden van het reservaat aan te leggen, een nogal ingrijpende kostbare zaak die 250 ha goede landbouwgrond opslokt.
Bescherming uniek hoogveengebied
Maatregelen in en rond het Bargerveen moeten voorkomen dat het hoogveen dat in honderden jaren is ontstaan door verdroging verloren gaat. Daarvoor is een grote bufferzone van 250 ha nodig aan de zuidkant van het Bargerveen.

http://www.provincie.drenthe.nl/actueel/nieuwsberichten/@105057/forse-opdracht/

Veronderstellingen aangaande de verdroging van het Bargerveen en de mogelijke gevolgen.
Het begint met de veronderstelling: Als!! “Als het Bargerveen verdroogt”, en dan volgen er een aantal aaneenschakelingen van mogelijke gevolgen die een rampscenario voor het Bargerveen moeten voorstellen.
Hier een uitspraak van Rein Munniksma: “Als dat het Bargerveen eenmaal droog komt te staan en het veen inklinkt, is het reddeloos verloren”.

“Eén droge zomer en de herstelwerkzaamheden zijn weer terug bij af”, dat is wat ecologisch adviseur Dolf Logeman zelfs durft te beweren in zijn blog.

http://www.dolfsnatuurblog.nl/het-bargerveen-waarom-ook-alweer/

Analyse.

Pardon? Het Bargerveen weer uitdrogen? Is het echt waar, wat Logeman en de gedeputeerde hier met droge ogen beweren? En het antwoord op deze vraag is zeer belangrijk, het zijn immers deze argumenten die de aanleg van een bufferzone rechtvaardigen! Dat rampscenario, als gevolg van uitdrogen, is daar enig bewijs voor? Hoe groot is de kans dat het Bargerveen weer zo droog komt te staan als pakweg 20 jaar geleden? Hoe groot is die kans daarop? Is dat erg en hoe rampzalig is dat dan?

Het kurkdroge Bargerveen tijdens de turfwinning

Volgens mij hebben we vergelijkingsmateriaal uit het verleden. Het Bargerveen heeft namelijk meer dan een halve eeuw droog gestaan ten behoeve van de turfwinning, daarvoor werden diepe sloten gegraven voor de totale afwatering tot op het zand. In de zomer joegen dikke stofwolken over het turfwinningsgebied. Is daar iets van bekend van blijvende schade aan het veenpakket? Naar de uitspraken en maatstaven van Munniksma en Logeman zou het Bargerveen nu dus als reddeloos verloren moeten worden beschouwd. Volgens andere deskundigen gaat het echter helemaal niet slecht met de flora en fauna, het veen en de veenvorming in het nieuwe natuurgebied.

Amper 20 jaar nadat de laatste turf werd afgegraven spreken diverse enthousiaste commentaren heel andere taal .
Citaat. ”Na Verschillende maatregelen, zoals het omhoog brengen van het waterpeil door een dammenstelsel,hadden tot doel het veen nieuw leven in te blazen. En met succes!
In de ondiepe, natuurlijke bassins die door de indamming ontstonden, vond explosieve groei van veenmos plaats. Natuurbeheerders waren razend enthousiast.” Bron:
http://www.stobbe.nl/actiepagina/bargerveen

Hier een fragment uit het document:
Document PAS-analyse aangepast Herstelstrategieën voor Bargerveen.

Deze analyse is opgesteld door Erwin Adema, Willem Molenaar, Sies Krap en Arjan Stroo.
De herziening, dat wil zeggen de aanvulling en het up-to-date maken, is gedaan door Arnout-Jan
Rossenaar met medewerking van Sies Krap, Erwin Adema en Jobien Veninga (december 2012).
Dolf Logemann heeft deze versie aangevuld met vogels en de maatregelen uit het beheerplan
(versie mei 2013).

“Het OBN-Deskundigenteam stelde tijdens een veldbezoek in februari 2013 vast dat er een flinke
groei zit in het areaal actief hoogveen in het Bargerveen en dat ook elders de omstandigheden voor actief hoogveen snel gunstiger worden (Jansen, A.J.M, c.s. 2013). Uit dit verslag komt ook de volgende beschrijving:
Ten opzichte van de eerste veenmoskartering in 1987 is er in de hoogveenkern van het Meerstalblok nauwelijks nog open water met Waterveenmos. De compartimenten tussen de dijkjes zijn anno 2013 dichtgegroeid met dikke kraggen met uitgestrekte vlakten (lawns) van fraai veenmos ontstaan met veenpluis en witte snavelbies als aspectbepalende soorten en hier en daar vijfrijig veenmos en de eerste bultvormende veenmossen (wrattig veenmos, soms hoogveenveenmos).
In de oudste bassins uit 1970 blijft de ontwikkeling van actief hoogveen nog achter. Een mogelijke oorzaak is de moeizame verbreiding van de bultvormende soorten. Waar wrattig veenmos en hoogveen-veenmos zijn geïntroduceerd, blijken deze soorten zich wel uit te breiden.
Het lijkt er op dat de omstandigheden in de oudste bassins wel geschikt zijn voor de groei van de bultvormende veenmossen, maar dat ze deze nog niet goed hebben kunnen bereiken. In de natte heide ten westen van de grote meerstal zijn sinds 1986 twee grote vlakken met actief hoogveen ontstaan uit een veenmosrijke natte heide. In vergelijking met 1986 zijn deze vlakken ook veel
natter geworden”.

U ziet, de diverse analysen spreken zichzelf tegen.

Bron: http://www.geologievannederland.nl/fossielen/planten/veenmos.

De grote vraag die dit oproept is natuurlijk, hoe belangrijk is die stabiele waterspiegel nou eigenlijk? Daarvoor moeten we even kijken hoe ( levend) hoogveen zich vormt en de eigenschappen van het veenmos dat daarvoor verantwoordelijk is.

“Laagvenen worden gevoed door zowel het grondwater als het regenwater. Hoogvenen zijn sterk vernatte ecosystemen die uitsluitend gevoed worden door regenwater””

Bron: http://www.kennislink.nl/publicaties/microbiele-diversiteit-in-hoogvenen

Samenvatting van de eigenschappen van het veenmos, (Sphagnum cuspidatum) waarvan er ca 200 soorten bestaan en er in het Bargerveen inmiddels weer 15 soorten zijn waargenomen.

*Het veenmos voedt zich uitsluitend met regenwater.
*Veenmos is een kleine, primitieve sporenplant die to 25 keer haar eigen gewicht aan (regen)water kan vasthouden.
*Door speciale wateropnemende cellen werkt veenmos als een soort spons die het water meters boven het grondwaterpeil van de omgeving kan uittillen en regenwater kan vasthouden.
*Door deze eigenschap is veenmos niet strikt gebonden aan natte leefgebieden, maar kan het ook in drogere omstandigheden groeien: door water op te slaan creëert veenmos immers zijn eigen natte milieu.
*Veenmos groeit aan de bovenkant aan, terwijl het aan de onderkant afsterft. Zo ontstaat er een dikke laag dood plantmateriaal dat veen wordt genoemd.
*Het kan enige beschaduwing verdragen, en verkleurt dan meestal naar groen.
* Ook kan de plant tegen een korte, tijdelijke verdroging!
*Op het moment dat zich een nieuwe acrotelm (de laag van levende veenmossen vormt samen met de direct daaronder gelegen laag van recent afgestorven veen de zogenoemde acrotelm), heeft kunnen ontwikkelen, zal het systeem zelf schommelingen is de waterstand kunnen reguleren en is daarmee veel minder kwetsbaar voor waterstandfluctuaties.
* Ook al sterft de plant af, door de aseptische conserverende werking worden de zaden (sporen) goed bewaard en komen bij gunstige omstandigheden weer tot ontkieming.

Bron:

Klik om toegang te krijgen tot Tomassen-DLN-2014.pdf

En daar, beste dames en heren, daar hebben we het bewijs, het tegendeel van wat o.a. Munniksma en Logeman beweren.

En wat is het verwachtte effect van de bufferzone op de grondwaterstand, want dat was toch wel het belangrijkste argument voor de bufferzone.

In het rapport Advies over de bufferzone kom ik o.a. het volgende tegen.

Advies over bufferzone Bargerveen.
Deskundigenteam Nat zandlandschap en het voormalige deskundigenteam Hoogvenen
Drs. G.A. van Duinen, Dr. A.J.M. Jansen (redactie), Prof. dr. J.G.M. Roelofs, Dr. S. van
der Schaaf , Dr. J. Schouwenaars.

Citaat: “De gemiddelde wegzijging in de genoemde 700 meter-zone (ad zuidgrens binnen het reservaat) is berekend op ongeveer 0.37 mm. per dag”.

Berekende effect van een bufferzone van 500 meter:

“De wegzijging in de 700 meter zone wordt dan berekend op ongeveer 0.31 mm per dag”.

Omgerekend in het eerste geval is dit dus 135 mm op jaarbasis.

Na realisering van de bufferzone wordt de wegzijging dan 115 mm op jaarbasis. (Let wel, dit zijn berekeningen, geen garanties). Dus in een land waar redelijk verdeeld over het jaar ruim 800 mm regen valt, gaat een (verwachtte) reductie van 20 mm het veenmos en het Bargerveen redden?

Dat kan toch niet waar zijn? Geen enkel weldenkend mens zal op basis van een gedegen kosten/baten analyse tot dit besluit zijn gekomen. Maar in de politiek en met name als het gaat om natuur gelden er andere maatstaven. Bovendien, zo blijkt, spelen er persoonlijke ambities van sommige politici mee. Zoals blijkt uit een reactie in de rechtszaal van Rein Munniksma tegen een aldaar protesterende en procederend agrariër;

” Hoe je ook protesteert en tegenstribbelt, die bufferzone, die ga ik doen!”

Conclusie.

Nee, die bufferzone gaat het Bargerveen niet redden van die vermeende quasi verdroging, het enige dat de bufferzone gaat redden is het ego van de Groene Kmher

Het offer voor het Bargerveen, (de kosten, 20 miljoen voor nieuwe bufferzone`s) zijn naar mijn mening buitenproportioneel, het ontbreekt de beheerders naar mijns inziens alle realiteitszin, zijn de rede en ratio volledig uit het oog verloren. In hun euforie over natuurbeheer is men kennelijk vergeten dat bv de Zuidpool en de Sahara met hun barre omstandigheden ook natuur is. Alleen, dat is niet de natuur die onze natuuraanbidders graag zien. Hun visie op natuur is dus behoorlijk selectief. Zij zetten in op biodiversiteit en willen een kunstmatige situatie herscheppen die alle voorgaande generaties hebben bestreden.

“De medische biologie toont bijvoorbeeld, hoe de wereld voor mensen veiliger werd met minder biodiversiteit. De entomoloog (insectkundige) Bart Knols –onder andere werkzaam voor het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam – beschreef in zijn boek ‘Mug’ hoe ons land afgelopen eeuw malariavrij werd. Dit lukte dankzij een gerichte overheidscampagne tegen met malariaparasieten besmette Anopheles-muskieten. Bestrijdingsmiddel DDT en ontginning van moerasgebied, waren de belangrijkste succesfactoren.””

IMG_mcgt7mug_2_1_AM14VC50

“Jaarlijks overlijden zo’n 725.000 mensen aan muggensteken. Niet aan de jeukende bultjes die de Nederlandse muggen opleveren, maar aan de gemene virussen die muggen – vooral in de tropen – overbrengen. Denk aan malaria (600.000 doden per jaar), maar ook knokkelkoorts, gele koorts en een hersenontsteking die in Japan ‘de pest van het Oosten’ genoemd wordt, worden door muggen verspreid”. Bron: Trouw.

Muggen03

Je kunt niet meer streven naar omstandigheden van vroeger, de natuur zelf verandert. Maar dat schijnt onze verheven natuurbeheerders niet te deren. Zij hebben allang uitgestippeld wat er in hun privé paradijsje allemaal weer moet gaan groeien. Willen de natuurbeheerders misschien ook de prehistorische planten en reptielen, de wolharige neushoorn de mammoet of zelfs de Neanderthaler weer terug?

De geplande bufferzone, het nieuwe speeltje en prestigeobject van enkel politici, waaronder de heer Munniksma en mevrouw Tanja Klip, is letterlijk een hoofdpijndossier, ja een heuse nachtmerrie voor sommigen en komt meer en meer over op mij als een slechte boosaardige grap.
Het gaat dus helemaal niet slecht met het Bargerveen, maar volgens andere deskundigen gaat het niet goed genoeg. Ja natuurlijk, het kan altijd beter, hoe goed willen de natuurbeheerders het hebben dan? Is er door “rupsjenooitgenoeg” misschien ook een bovengrens aangegeven?
Niet om het een of ander, dat was me ook wel al duidelijk, de teerling is allang geworpen, inspraak is er slechts voor de vorm, om de omwonenden nog de indruk te geven dat ze mee mogen praten. Die inspraak, dat was natuurlijk een lachertje. De vraag is alleen, wat is het effect van al dat geld dat er tegenaan gegooid wordt? Als je de diverse internetpagina’s leest gaat het helemaal niet slecht met de ontwikkeling van het veen , flora en fauna. Maar waarom komt dat gegeven, het opmerkelijke herstellend vermogen van de natuur in het Bargerveen, dat elke leek en natuurliefhebber met eigen ogen kan aanschouwen. Waarom komt dat in al die dure rapporten, die bol staan van wollig taalgebruik en ongrijpbare kreten zo weinig uit de verf?

Wij begrijpen dat de keuzes die hebben geleid tot het besluit voor de bufferzone voor de meeste mensen, ogenschijnlijk een democratisch gestuurd proces was, dat past binnen de bestaande kaders. De procedures zijn in een vergevorderd stadium. Ook al waren de te volgen procedures correct, de besluiten kwamen heel wat minder democratische tot stand. Bij de te vormen commissies verzamelden zich belangstellenden, voornamelijk natuurminnende personen die elke maatregel ter bescherming van het Bargerveen toejuichen, ook al zijn de aangevoerde argumenten en feiten bijzonder twijfelachtig en soms zelfs misleidend. Kritische mensen, uitgesproken tegenstanders van de bufferzone en werden geweerd uit de diverse commissies en zelfs openlijk gedemotiveerd. ( zie verslag 4 maart, Open brief aan mevr. Houwing en Bargerveencommissie). Een oud-waterschap bestuurder die vanaf het eerste uur de opkomst van het idee voor een eventuele bufferzone meemaakte verklaarde, ” Het democratische gehalte van de besluitvorming rond de bufferzone is 0,0”. Als de besluitvorming het gevolg is geweest van intensief lobbywerk en er bovendien aantoonbaar persoonlijk prestige in het spel is bij sommige politici, blijft het behaalde resultaat een lelijk ding en is het politiek gezien een aanfluiting voor de democratie. Qua werkwijze horen dit soort praktijken niet thuis in een rechtsstaat.

Het geeft me een erg onbehaaglijk gevoel over hoe het er in Nederland met de belangen van natuur-omwonenden om wordt gegaan. Het fanatisme hierbij, doet me denken aan het bolsjewisme in de voormalig USSR, waar op het hoogtepunt van de hele communistische hype meer dan 100.000 dorpen met de grond gelijk zijn gemaakt ten behoeve van de collectieve landbouw en de boeren naar de flats in de stad zijn verjaagd. Deze Bolsjewistische revolutie (waarvan deze gigantische operatie een gevolg was) ging helemaal niet spontaan zoals onze linkse vrienden ons zo graag doen geloven. Neen, daar ging een goed georganiseerde zeer omvangrijke propaganda campagne aan vooraf, die destijds met een voor die tijd een astronomische bedrag van 52 miljoen DM door Duitsland werd gefinancierd.
Ik wil daarmee maar zeggen, elke leugen is te verkopen, als je het maar vaak genoeg herhaalt en een goed geoliede propagandamachine achter je hebt staan.

Wie stopt deze waanzin??

Over deze advertenties
Je bezoekers kun

Ontwerp een vergelijkbare site met WordPress.com
Aan de slag